Begraafplaats Ter Navolging historie
Ter Navolging De historie
Eind 18e eeuw werd door Joh. Did. van Leeuwen, aanhanger van ‘De Verlichting’, meegedaan aan een door het Zeeuwsch Genootschap uitgeschreven wedstrijd over hygiënischer begraven. Zijn voorstel, voortaan alleen begraven buiten de bebouwde kom, werd bekroond. Het door hem opgerichte Begraafgenootschap Ter Navolging legde daarop deze algemene begraafplaats aan.
Eind 18e eeuw werd door J.D. van Leeuwen, aanhanger van ‘De Verlichting’, meegedaan aan een door het Zeeuwsch Genootschap uitgeschreven wedstrijd over hygiënischer begraven. Zijn voorstel: voortaan alleen begraven buiten de bebouwde kom. Dit werd bekroond en daarna richtte hij in Tiel het Begraafgenootschap Ter Navolging op dat een algemene begraafplaats liet aanleggen. In december 1786 werd Mej. Claszen er als eerste begraven.
De begraafplaats was aangelegd in de klassieke Franse Stijl: vier rijen graven, een pad en weer vier rijen graven met vanaf de toenmalige entree aan de (huidige) Stationsweg eerst een gedeelte 2e klasse en daarna een gedeelte 1e klasse.
Het gedeelte 1e klasse telde 257 graven. Bijzonder is dat op die kaart enkele tientallen namen vermeld staat van personen waaraan een graf was gekoppeld.
In 1858 moest de begraafplaats worden uitgebreid omdat alle beschikbare ruime door graven in beslag was genomen. Zelfs de ruimte op de paden en de ruimte rond de obelisk was helemaal ‘uitgegeven’.
De opdracht tot het maken van een ontwerp werd gegeven aan Karel George Zocher (Haarlem 11 november 1797 — 18 november 1863 Utrecht) die in Tiel ook al betrokken was bij het omzetten van de wallen tot een stadspark. Een gedeelte daarvan resteert en is het parkje met de naam Kalverbos dat ligt tussen de stadsgracht, de straat met de naam Kalverbos en de Sint Walburg. Verder ontwierp hij in Tiel de tuin bij het Ambtmanshuis en een tuin van een woonhuis aan de Ambtmanstraat.
Het ontwerp van Zocher toont een zwierige stijl met tal van door ronde haagjes omzoomde perken. Maar veel bogen betekent een inleveren van voor graven beschikbare ruimte. In de jaren 1857 – 1940 verdwenen de ronde lijnen met hun haagjes om plaats te maken voor rechte lijnen, dat in het teken van een optimaal rendement. Aan het oorspronkelijke ontwerp herinnert een aantal uit 1850, 1900 en 1920 daterende bomen. Daaronder een paar majestueuze beuken.
Het noordelijke deel was bestemd voor de graven 1e klasse en het zuidelijk deel, na de entree door de poort links, voor de graven 2e klasse. Daar waren de ‘algemene graven’ waarin ‘op volgorde van aankomst’ werd begraven en die in beginsel iedere tien jaar werden geruimd om plaats te scheppen voor nieuwe overledenen. Op dat zuidelijke deel stond een beperkt aantal zerken alsook een groter aantal ‘graftrommels’. De laatste waren van tijdelijke aard en konden ook voor een bepaalde termijn worden gehuurd.
Op het noordelijke deel verscheen vanaf 1858 een aantal grote, vaak enkele meters boven het maaiveld uitstekende grafkelders. Daarin konden kisten worden bijgezet. Veel graven kregen een zerk, vanaf het eind van de 19e eeuw verschenen en steeds meer steles, staande zerken, en vanaf ongeveer 1930 werden voor de steles vaak door een hekje omsloten perkjes aangelegd.
Een aantal hekwerken is inmiddels verdwenen, vaak zijn daar nog sokkels voor de hoekpalen te zien, en ook zerken en steles verdwenen. Rechthebbenden van graven moesten jaarlijks een bedrag betalen. Als de termijn niet werd verlengd, dus als er niet meer voor het gebruik van het graf werd betaald, werd vaak besloten tot het vernietigen van de zerk dan wel het over de zerk aanbrengen van grond en gras. Enkele van de in stukken gehakte zerken zijn de afgelopen jaren teruggevonden en bovengrond geplaatst.
Aan het eind van de jaren dertig van de 20e eeuw raakte Ter Navolging vol. Uitbreiding was niet mogelijk en dus werd een nieuwe algemene begraafplaats aangelegd aan de Papesteeg. In 1941 vonden op Ter Navolging de laatste begrafenissen in nieuwe graven plaats en daarna vonden nog sporadisch bijzettingen plaats.
Door het uitblijven van inkomsten vanuit begrafenissen werd het onderhoud van Ter Navolging verwaarloosd en trad vanaf 1941 verloedering in. In de jaren ’70 van de 20e eeuw werden tot bomen uitgegroeide heesters gekapt en werd de sloot rond de begraafplaats gedempt.
Een aantal burgers nam het initiatief aan de verloedering een halt toe te roepen en in 1998 werd de ‘Stichting tot Instandhouding van Historische begraafplaats in Tiel en Omstreken’ opgericht. Binnen de stichting lag de hoogste prioriteit overigens bij het behoud en zo mogelijk herstel van Ter Navolging. Na een wat moeizame start, de lokale overheid moest wennen aan burgerinitiatieven én aan het feit dat niet-ambtenaren en gepensioneerden ook wel eens deskundig zouden konden zijn op bepaalde terreinen, werd draagvlak gecreëerd en kon ‘overleggen’ langzaamaan plaatsmaken voor ‘handelen’.
In 2009/2011 werd, met eenmalig geld, het herstel van een viertal grafkelders en een veertigtal kleinere grafmonumenten aangepakt en afgerond. Nu het geld op was trad ogenschijnlijk een korte pauze in maar het ontstane overleg tussen gemeente en stichting resulteerde in zoveel vertrouwen van de overheid in de vrijwilligers dat in 2015 een overeenkomst tussen gemeente en stichting werd gesloten waarbij het ‘kort-cyclisch groenbeheer’ van niet alleen Ter Navolging maar ook van de Joodse begraafplaats aan de stichting werd overgedragen. Dat tegen een jaarlijkse vergoeding van de gemeente aan de stichting.
Eigenlijk wilde de gemeente het ‘kort-cyclisch groenbeheer’ van nog meer historische begraafplaats overdragen aan de stichting maar het ‘extraatje’ van de Joodse begraafplaats vond de stichting, afgezet tegen de beschikbare vrijwilligerscapaciteit, genoeg. Volgens de gemeente was het onderhoud van de Joodse begraafplaats een ‘kleinigheid’: die was altijd gesloten en het werk behelsde eigenlijk alleen maar een grasmaaier over deze uit 1827 daterende begraafplaats laten gaan.
Op 5 juni 2015 vond de heropening van Ter Navolging plaats door het plaatsen van het laatste paaltje van het door steenhouwer/beeldend kunstenaar Michiel van Luijn ontworpen en vervaardigde monument ‘Via Nominum’ (na de entree links). Sindsdien wordt er op het noordelijke deel weer begraven en worden er urnen geplaatst. Op het zuidelijke deel kon vanaf toen as worden verstrooid.
Medio 2021 was de op het noordelijke deel beschikbare ruimte verbruikt en werd het zuidelijke deel, oorspronkelijk het deel 2e klasse, opengesteld voor nieuwe graven en urnengraven.
In 2015 ging de uitvoering van het door de gemeente geaccordeerde ‘Herstelplan Ter Navolging 2015 – 2025’ van start. Dat behelsde het herstel van de resterende grafkelders én alle honderden kleinere grafmonumenten die daaraan behoefte hadden. In feite vrijwel alle grafzerken die op Ter Navolging te vinden waren.
In 2022 werd de uitvoering van dat ‘Herstelplan’, op een klein aantal monumenten na waarvoor toen de financiële middelen ontbraken, afgerond.
Na een evaluatie werd in 2018 gekomen tot een nieuwe overeenkomst, voor onbepaalde tijd, waarbij vanuit de gemeente aanzienlijk meer taken aan de stichting werden toevertrouwd.
Op dat van de bomen en de opstallen na werd naast het onderhoud ook het dagelijkse beheer aan de stichting toevertrouwd.
Sinds circa 2010 worden op Ter Navolging, en vanaf 2014 ook op de (in beginsel gesloten) Joodse begraafplaats (die wél regelmatig een ‘Open Huis’ kent), rondleidingen verzorgd en zijn er exposities ingericht.
Er zijn hand-outs beschikbaar voor een eigenstandige wandeling en op Ter Navolging ligt een ‘schat’ verborgen die via GeoCache te vinden is.
Dankzij nieuwe begrafenissen worden inkomsten gegenereerd waarvan een deel wordt afgedragen aan de stichting. Met die inkomsten wordt de stichting in staat groot onderhoud te verrichten aan de grafmonumenten. Want, dat blijkt steeds weer, ook grafstenen hebben geen eeuwig leven!
Afbeeldingen
= Plattegrond van Ter Navolging uit 1786, in de (strakke) Franse stijl, met daarop de namen van de personen aan wie graven zijn uitgegeven
= Het ontwerp van Ter Navolging van Karel George Zocher uit rond 1858 in de (zwierigere) Engelse landschapsstijl
= Een gerestaureerde graftrommel

